Belastingplannen voor 2026: zo houd je meer geld over

De belastingplannen voor 2026 veranderen het voor veel mensen. Nieuwe grenzen, aangepaste tarieven en andere aftrekmogelijkheden maken het de moeite waard om goed te kijken naar je eigen situatie. Want wie niets doet, laat soms honderden euro’s liggen. Dat hoeft niet. Met de juiste kennis kun je gewoon binnen de regels meer geld overhouden. En dat begint met begrijpen wat er dit jaar precies verandert.

Wat er in 2026 verandert in de inkomstenbelasting

De inkomstenbelasting kent in 2026 twee schijven voor mensen die nog niet met pensioen zijn. Over het eerste deel van je inkomen tot ongeveer 38.441 euro betaal je een lager tarief. Daarboven geldt een hoger tarief van 49,5 procent. De heffingskortingen, dat zijn kortingen op je belasting die je automatisch krijgt, zijn ook aangepast. De algemene heffingskorting en de arbeidskorting bepalen hoeveel belasting je uiteindelijk echt betaalt. Wie een lager inkomen heeft, krijgt een hogere korting. Bij een stijgend inkomen loopt die korting geleidelijk af. Het loont dus om te weten in welke situatie jij zit, zodat je niet voor verrassingen staat bij je aangifte.

Sparen en beleggen in box 3

In 2026 kun je belastingvrij sparen en beleggen tot een grens van 59.357 euro. Heb je een fiscaal partner, dan is dat samen 118.714 euro. Heb je meer vermogen dan dit bedrag, dan betaal je belasting over het deel daarboven. De Belastingdienst rekent daarvoor met een fictief rendement. Dat wil zeggen: er wordt niet gekeken naar wat je werkelijk verdient, maar naar wat je statistisch gezien zou kunnen verdienen. Dit systeem staat nog steeds ter discussie en er wordt gewerkt aan een nieuw stelsel waarbij de werkelijke rendementen als basis dienen. Wie nu vermogen heeft opgebouwd, doet er goed aan bij te houden hoeveel dat precies is en of het onder de vrijstelling blijft.

Aftrekposten die mensen vaak vergeten

Ongeveer 30 procent van de mensen laat voordeel liggen bij de giftenaftrek, blijkt uit cijfers van de Belastingdienst. Wie regelmatig doneert aan een goed doel met een zogeheten ANBI-status, mag dat opgeven in de aangifte. Dat geldt ook voor zorgkosten die niet vergoed worden door de zorgverzekeraar, mits ze boven een bepaalde drempel uitkomen. Studiekosten voor een opleiding die je volgt voor je werk zijn in sommige gevallen ook aftrekbaar. Veel mensen weten dat niet of denken dat het te ingewikkeld is. Toch is het de moeite waard om dit na te zoeken. Een paar minuten extra tijd bij het invullen van je aangifte kan een flink verschil maken in wat je terugkrijgt of bij moet betalen.

Slim omgaan met je aangifte en toeslagen

Een aandachtspunt dat veel mensen over het hoofd zien, is de samenhang tussen inkomen en toeslagen. Toeslagen zoals de huurtoeslag, zorgtoeslag en kinderopvangtoeslag hangen af van je verzamelinkomen. Dat is het totaal van je inkomsten uit werk, vermogen en andere bronnen. Wie onverwacht meer verdient in een jaar, kan met een terugvordering te maken krijgen. Het is verstandig om toeslagen op tijd aan te passen als je inkomen verandert. Doe je aangifte ook op tijd. Wie voor 1 april aangifte doet, ontvangt voor 1 juli bericht van de Belastingdienst. Zo weet je snel waar je aan toe bent en kun je eventueel bijsparen of je plannen aanpassen. De aangifte hoeft echt niet ingewikkeld te zijn als je er rustig de tijd voor neemt.

Veelgestelde vragen

Wat is het voordeel van fiscaal partnerschap?
Als je fiscaal partner bent, mag je bepaalde aftrekposten en heffingskortingen onderling verdelen. Dat kan voordelig zijn als één van de partners veel minder of meer verdient dan de ander. Ook de vrijstelling in box 3 voor spaargeld en beleggingen is bij fiscaal partnerschap twee keer zo hoog.

Wanneer moet je belastingaangifte doen in 2026?
De belastingaangifte over 2025 doe je in 2026. De officiële deadline is 1 mei 2026. Wie eerder aangifte doet, voor 1 april, krijgt voor 1 juli een definitieve aanslag. Heb je meer tijd nodig, dan kun je uitstel aanvragen.

Hoe werkt de giftenaftrek precies?
Met de giftenaftrek mag je donaties aan erkende goede doelen aftrekken van je belastbaar inkomen. Dit geldt alleen voor organisaties met een ANBI-status. Er geldt een drempel van 1 procent van je verzamelinkomen met een minimum van 60 euro. Doneer je via een periodieke schenking via een notariële akte of onderhandse overeenkomst, dan geldt die drempel niet.

Wat verandert er in box 3 na 2026?
De Belastingdienst wil in de toekomst afstappen van het fictieve rendement en overstappen op belasting over werkelijk behaald rendement. Wanneer dit precies ingaat, is nog niet definitief vastgesteld. Tot die tijd geldt het huidige systeem met een vrijstelling en een berekend forfaitair rendement.

Scroll to Top